Als kind al wist Tonny Kortekaas (66) zeker dat ze moeder wilde worden. De trits aan poppen op haar bedje was daar het bewijs van. Ze was al snel van mening dat het niet alleen maar eigen kinderen hoefden te zijn. “Misschien is het vergelijkbaar met mensen die zich tot het klooster geroepen voelen. Ik voelde me geroepen tot pleegzorg.” Het huis van Tonny bevindt zich aan een pleintje in Haarlemmerliede. In haar tuin grenzend aan een weiland staan kinderfietsen en een plastic hobbelpaard. Binnen zitten haar man en een van haar zoons aan een lange eettafel. Aan de keukenwand hangen diverse zwart-wit foto’s van haar kinderen en kleinkinderen. Tonny en haar man hebben vier zoons en drie pleegkinderen die in het gezin zijn opgegroeid. Daarnaast hebben ze achtentwintig crisiskinderen voor kortere tijd opgevangen, meestal periodes van zes weken tot anderhalf jaar. Ze vingen de kinderen op uit idealisme, ze wilden graag kinderen en hun families helpen. Tonny kijkt terug op vele bijzondere jaren als pleegmoeder die ze niet had willen missen. “Hopelijk hebben we bijgedragen aan een positieve wending in het leven van deze kinderen”, vertelt ze TEXTSTUDIO tijdens een interview voor HRLM. (Foto’s: Christhilde Klein)