Het begon allemaal in 2010. Natalie Bogtman, oprichter van ORO wolkorrelfabriek, hield met haar vriend in de achtertuin in Zaandam vier Drentse heideschapen, haar favoriete soort. “Schapen zijn leuk, ze kunnen tot dertig mensen herkennen.” Drie jaar geleden deed ze mee aan een hackathon (het vinden van een oplossing voor een probleem, red.) georganiseerd door de provincie Zuid-Holland en Bluecity (voorbeeldstad van een circulaire economie, red.) De vraag was: Wie denkt mee over een oplossing voor de Nederlandse wolstapel? “Nederland telt veel schapen zoals begrazingskuddes en schapen voor de vleesindustrie. Die worden allemaal geschoren. We hebben geen wolverwerkingsbedrijven meer in Nederland. Met schapenwol wordt hier niks gedaan terwijl het zo’n mooi restproduct is.” Ze ontdekte een bedrijf in Amerika, die van schapenwol mestkorrels maakt. “Op hun site zag ik foto’s van mooie planten met gezonde wortels. Ze lieten het verschil zien met planten bemest met andere meststoffen zoals turf. Ik hoorde voor het eerst over meststof van schapenwol. Dat moet in Nederland ook kunnen, dacht ik.” En zo geschiedde. Volgens Natalie is wol is hét gouden ingrediënt voor planten en groenten. Afgelopen juni opende ze de deuren van haar wolkorrelfabriek. “Wol is een fantastisch en duurzaam restproduct”, vertelt ze TEXTSTUDIO tijdens een interview voor HRLM. (Foto’s: Christhilde Klein)